Terugreis naar Düsseldorf en Sint-Oedenrode, donderdag 2 en vrijdag 3 september 2010
Om 6 uur ging de wekker op onze allerlaatste dag in Bangkok en om 7 uur werden we opgepikt door het taxibusje voor de rit naar het vliegveld. Alles liep gesmeerd en we stegen precies op de geplande tijd op. Jonas kwam bij het boarden zijn vriendjes uit het River Kwai Resort weer tegen, Indi en Finn, en ze bleken nog de stoelen naast die van ons te hebben ook. Dat beloofde veel pret en dat kwam ook uit. We hadden de hele reis ging kind aan hem en ze hebben zich samen kostelijk vermaakt. Daardoor leek het nog eens extra snel te gaan en voor we het wisten waren we al weer in Düsseldorf om 18.00 uur plaatselijke tijd (23.00 uur Thaise tijd!).
Daar hebben we de nacht in het Holiday Inn hotel geslapen en op vrijdag 3 september zijn we van daaruit weer naar huis gereden.
Dat was dus weer het einde van onze fantástische reis naar het mooie Thailand – we hebben de afgelopen vier weken heel bewust beleefd en heel veel indrukken opgedaan en nu moeten we weer omschakelen naar ons dagelijks leven in Nederland. Gelukkig hebben we nog een paar dagen voor het tijd is voor school en werk, en kunnen we nog even nagenieten …
Bangkok - fietsen in Chinatown en eten op de 25e verdieping, woensdag 1 september 2010
Op onze laatste vakantiedag in Bangkok zijn we gaan fietsen. Dat was een fantastische ervaring! In tegenstelling tot het fietsen in Chiang Mai ging het hier grotendeels door de stad. Nou ja, de stad: we sloegen meteen een heel klein steegje in. Thuis zouden we het “gangetjesfietsen” hebben genoemd: hier bevonden we in meteen de in woonkamers van vooral Chinezen die zich in Bangkok hebben gevestigd. We vertrokken in hartje Chinatown. Daar wordt volop gehandeld: het varieerde van schoenenwinkeltjes (op de meest onmogelijke plekken) tot een hele buurt waar ze moterblokken recyclen: veelal motoren die uit Europese vrachtauto's komen en die hier worden omgebouwd tot motoren voor de langtailboten. Vandaar dat die zo groot zijn en zoveel herrie maken. We fietsen zelfs dwars door een overdekte groeten- en fuit markt, tussen de kramen door die max. een meter (in breedte) doorgang boden. Fun, Fun, Fun. En voor iedereen die naar Bankok gaat een absolute must.
Het mooie van Bangkok is dat het een leven van jewelste is: overal (zelfs in de achterafsteegjes) zie je mensen; een deel is aan het werk en een deel hangt gewoon op een stoel en kijkt wat er allemaal gebeurt. Verder kan je op iedere hoek van de straat eten en dat doen de Thai ook de hele dag door. Overal waar je komt zie je etende mensen. Zelfs de zwervers zie je met een klein plastic bakje met rijst en een heel klein zakje met kip/groente. Je koop het voor een paar Baht.
De eetstalletjes bestaan uit een kar waarin een ronde BBQ is gebouwd. Men bakt er de sateetjes op en de stukken kip en vis. Verder zie je overal stalletjes waarop je fruit kunt kopen. Het lijkt erop alsof de Thai ook de hele dag ananas eten. Dat wordt in zakjes verkocht: in een diepvrieszakje past precies één hele, schoongemaakte, ananas.
Na de fietstocht, om ongeveer 17.00 uur, zijn we – door ervaring wijs geworden: begeef je niet in het spitsverkeer tenzij het niet anders kan – in Chinatown gebleven om wat te eten. En wat bleek: ook in dit hotel Grand China Princess, het begin- en eindpunt van de fietstocht, was een restaurant met uitzicht. We togen dus naar de 25ste verdieping en daar was het 'revolving restaurant' – een eetgelegenheid die ronddraait dus. Dat wilden we weleens meemaken, maar het was nog een beetje te vroeg om te gaan eten. Dus eerst maar eens rustig wat gedronken en op ons gemak de menu-kaart én het mooie uitzicht bestudeerd. Het leuke was dat het nu, in tegenstelling tot de vorige keer, nog licht was en we dus Bangkok vanuit de hoogte bij daglicht konden aanschouwen. Weer eens wat anders. Uiteindelijk hebben we de totale draaitijd van 2 uur nog volgemaakt ook met ons diner. En het smaakte uitstekend.
Toen maar weer terug naar het hotel om de tassen in te pakken, want de volgende ochtend om 7 uur zouden we worden opgepikt door het taxi-busje om naar het vliegveld te worden gebracht.
,
Bangkok: klongtour en eten op de 77ste
Vandaag hebben we een privé-boottocht over de klongs (de kanalen die door Bangkok lopen) gemaakt. We kwamen langs de meest bouwvallige houten huizen die je je maar voor kunt stellen, maar die toch nog bewoond worden. Opvallend was ook dat er zelfs bij van die ogenschijnlijke krotten heel vaak een hoogst moderne schotelantenne staat. Televisie kijken kunnen ze dus wel ook al hangt het dak aan elkaar van stukken golfplaat. De bestuurder van de longtailboot manoeuvreerde ons handig langs de nodig eenmanszaakjes, die ook een graantje mee mochten pikken van ons. Zo kwamen we langs een floating market: welgeteld twee bootjes, waarvan er een langszij kwam varen om ons de koopwaar te slijten. We hebben er met flink afdingen wat gekocht en ook nog wat drinken ingeslagen. Dat was dus de floating market. De volgende stop was bij een tempel, waar zakken oud brood te koop waren om de vissen te voeren. Maar daar hadden wij geen zin in, dus het brood werd uiteindelijk door de kapitein in het water gegooid. Dat veroorzaakte een enorm gekrioel van vissen, die op en over elkaar sprongen om het brood te bemachtigen. Beetje griezelig om te zien, eigenlijk. Die vissen worden volgestouwd met brood en zijn daardoor inmiddels te lui om zelf hun kostje bij elkaar te vangen. Het heeft te maken met de boeddhistische leer en de plicht om goede werken te doen, waaronder het zorgen voor dieren. Je ziet ook overal zwerfhonden liggen en lopen die door iedereen van hapjes worden voorzien. Tja, misschien kom je zelf wel als hond terug op aarde in je volgende leven en dan wil je natuurlijk ook dat men zich om je bekommert. Zoiets.
Na afloop van de boottocht werden we in de buurt van het Groot Paleis afgezet (letterlijk en figuurlijk, want voor het aan land gaan moesten we ineens ook betalen!). Omdat we dat gisteren al gezien hadden, wilden we vandaag nog naar een andere aanbevolen tempel gaan, de Wat Pho, die daar vlakbij lag. Onderweg er naartoe kwamen we in aanraking met een fenomeen uit de reisgidsen: de zogenaamd hulpvaardige Thai die informeert waar je naartoe wilt en dan zegt: “Oh, dat is jammer, die is al gesloten. Maar ik weet wel een andere tempel die ook heel mooi is bla, bla” en je dan naar allerlei winkeltjes enz. loodst waar hij commissie voor opstrijkt. Daar trappen wij dus niet in. We negeerden de man en kwamen even later aan bij Wat Pho, die nog gewoon open was, zij het dat de belangrijkste bezienswaardigheid van het complex, de Liggende Boeddha, nog maar een kwartier te bezichtigen was. Even opschieten dus. Het was inderdaad een gigiantisch beeld van een liggende boeddha, helemaal goudkleurig, die zo groot was dat hij met geen mogelijkheid in zijn geheel op de foto kon. Nou ja, dan maar in stukjes. De voetzolen waren versierd met schitterende parelmoeren figuren. Erg fraai allemaal en zeer de moeite waard. Waar we echter geen rekening mee hadden gehouden was de tijd – het was inmiddels over vijven en dat betekent in Bangkok spitsuur in het verkeer. De taxi's en tuk-tuks wilden ons alleen tegen woekertarieven vervoeren, vanwege het 'traffic, traffic'. Uiteindelijk na veel vijven en zessen vonden we een tuk-tukker die bereid was ons tegen een schappelijk tarief naar het hotel te brengen. Daar hebben we meteen maar de speed-lijnboot genomen – een soort waterbus die met een noodvaart over het water scheurt en bij veel haltes stopt. Een enkeltje kost 9 baht (nog geen 25 cent) per persoon. Binnen een paar minuten waren we bij onze halte: de Bayoke Sky Tower. Daar gingen we namelijk eten, in de hoogste toren van Thailand, die al met al 340 meter hoog is. Op de 77e verdieping is een restaurant met prachtig uitzicht over de stad, in dit geval bij avond met overal lichtjes, het leek wel kerstmis. We konden ook goed zien hoe het verkeer nog steeds muurvast stond. In het restaurant was een uitgebreid diner-buffet met allerlei internationale gerechten (volgens het gidsje 80 verschillende), dus voor elk wat wils.
Daarna zijn we teruggegaan naar het hotel, maar omdat de boot niet meer bleek te varen op dit tijdstip, namen we de tuk-tuk door het nog steeds drukke avondverkeer.
Bangkok: Groot Paleis en Siam Nirikit
Op onze eerste dag in Bangkok zijn we op eigen houtje naar het Groot Paleis geweest en het daarbij behorende tempelcomplex Wat Phra Kaeo. Daar hebben we van een prima gids een rondleiding gehad die zeer verhelderend was. Bovendien wist de man, mister Thong, goed met een fotocamera om te gaan dus we hebben ook prachtige familie-foto's! Willem staat er wel op met zijn 'leenbroek', omdat hij niet decent genoeg gekleed was en voor Sophie hebben we een provisorische rok gemaakt van mijn pareo. Knieën mogen namelijk niet onbedekt zijn, dat is aanstootgevend. Obelix zou zeggen: rare jongens, die Thai.
's Avonds hebben we Siam Nirikit bezocht, een grootste show over de geschiedenis van Thailand, met echte olifanten en zelfs stromend water – horizontaal én verticaal als regen – op het toneel (inspiratie voor 't Roois Theater?). Het was een fantastisch spektakel waarbij je ogen tekort kwam.
Jonas had gedurende de middag koorts gekregen (39,8 graden C), maar was toch meegegaan na het slikken van een paar kinderparacetamolletjes. Hij hield zich kranig en viel pas tijdens de tweede helft in slaap. Hij heeft dus wel veel moois gemist en jammer genoeg mochten we zelf geen foto's maken van de show.
Hoewel het op de heenweg met de taxi enorm druk was op de weg en we af en toe muurvast stonden, konden we na de show zonder moeite doorrijden terug naar het hotel.
Reisdag
Helaas moesten we vandaag alweer vertrekken van Koh Tao. We hebben nog wat bij het zwembad gehangen en om 14.45 uur de boot naar Chumphon genomen. Vandaar zouden we met de bus naar het treinstation worden gebracht (op een half uur rijden afstand) en dan daar de nachttrein naar Bangkok nemen om 20.45 uur. Onderweg op de boot kwamen we tot de ontdekking dat er een foutje in ons reisschema was geslopen: er stond dat we op 30 augustus de nachttrein geboekt hadden, niet op 29 augustus. Oh jee, wat te doen? Greenwood bellen. Daar zeiden ze dat het waarschijnlijk geen probleem zou zijn om de tickets te laten omboeken op het station van Chumphon. En inderdaad, op zich zou dat makkelijk hebben gekund, zij het dat er in de trein van 20.45 uur geen slaapcoupés meer vrij waren. Wel in de trein van 23.30 uur. Dat betekende dat we vanaf een uur of zes (aankomst op het station) tot half 12 ons moesten zien te vermaken. Gelukkig was er aan de overkant een restaurant met prettige stoelen, waar we neergestreken zijn. Daar hebben we de rest van de avond zitten eten en lezen en TV-kijken (live Engels voetbal – een feest voor Jonas) en live-muziek (allerlei covers en ook origineel Thais) geluisterd. Best leuk, maar de muziek stond wel erg hard. Al met al was het best uit te houden en om kwart over elf zijn we naar het station overgestoken. Maar zoals we al vreesden bleek de trein vertraging te hebben, dus we lagen pas om kwart voor één in onze trein-bedden.
De volgende ochtend om half 9 waren we in Bangkok en vandaar zijn we met de taxi naar ons hotel Prince Palace gebracht. In het zelfde gebouw zit ook het kantoor van Greenwood Travel, waar we ook nog even langs moesten. Daar hebben we het een en ander geregeld en ook nog wat tours geboekt.
Vissen
Vandaag zijn we gaan vissen. Gaan wat??
Ja, inderdaad, vissen. Het ging niet vanzelf, maar de boys wilden op jacht (daar zijn het boys voor) en Marike was wel nieuwsgierig. Bij haar kwamen herinneringen boven van Denemarken: haar vader en ome Jelle, die op een bootje de zee optrokken (met zwemvest aan, want hoewel geboren in het mooie Gaasterland aan het Ijsselmeer, geen beste zwemmers) en uren later met een zak vol scholletjes terugkwamen. Voor mij (Willem) was het ook lang geleden, maar was het historisch gezien geen vreemde drive die me hier naar zee trok. De Van den Heuvels hebben hun hele jeugd in vakanties met veel plezier op het water gezeten en uren naar een dobber getuurd.
Sophie had geen zin: “het is toch zielig voor die vissen”. “Bovendien is het saai”. Dat laatste is inderdaad waar, wanneer je helemaal niets vangt. En dat waren we niet van plan. Bij het bureautje waar de fishing trip werd geboekt stonden borden met prachtige foto's op de stoep, waarop metershoge – met een hengel – gevangen vissen prijkten. Nou, daar gingen we dus voor.
De vrouw die me de tickets verkocht zei: “if you catch, you can cook in restaurant”. Ik dacht, dan zullen ze hem wel in vieren moeten hakken, want zo'n grote bbq hebben ze vast niet.
De vrouw had ook nog een mooie folder, met daarin dezelfde foto's en o.a. de volgende mededeling: “taxi will pick up your resort at 8.30 a.m.”.
We horen hier wel meer van dat soort verbasteringen en hebben daar iedere keer grote lol mee.
We werden dus om half 9 opgehaald. Om 9.00 uur zaten we op de boot. Het waaide stevig vandaag en Marike en Sophie hadden meteen de smaak te pakken. Lekker op het water (tot nu toe een schaars goed in ons gezin) gaat er meer van komen, dat is duidelijk.
Op de boot was er benedendeks een bak gevuld met water en inktvissen van een centimeter of 10. Het bleek het aas te zijn. Een stevige hap ineens, maar we gingen immers voor de grote jongens.
De boot werd verder bezet door 3 Thai (waaronder de stuurman) en 2 Duitsers (die achter op het schip gingen zitten). Na een half uurtje varen werd het anker uitgegooid. De hengels werden voorzien van inktvissen en de jacht kon beginnen.
Na een kwartier had Jonas er genoeg van. Hij ging verder in Harry Potter.
Ook Sophie dook weer snel in haar boek. Marike hield het een uurtje vol.
Na ongeveer 2 uur (en na 3 keer naar een ander plekje te zijn gevaren) was het eindelijk raak. Ik had een ronde vis van een centimeter of 35 te pakken. Groot genoeg voor de bbq (en goed voor een kilootje verse vis), maar geen supercatch.
Sophie werd wel wakker. Ze pakte weer een hengel en ging ook weer vissen. Met succes deze keer. Eerst haalde ze een prachtig stuk koraal naar boven (helaas moet je die teruggooien) en even later takelde ze een zeebaars binnen. Ze schrok ervan, maar was wel trots op haar vangst.
Een stukje verderop lag een bootje, waarop een man ineens geweldig aan een hengel stond te hijsen. Hij haalde een vis van meer dan een meter binnen, sloeg hem 2 keer op zijn kop met een stok en gooide hem in zijn koelbox. De bemanning van onze boot werd ook enthousiast en gooide nog een paar extra hengels uit. Helaas....
En daar bleef het bij, want aan het begin van de middag begon het ineens te stormen. De lucht betrok, de wind zwol aan en de golven werden steeds hoger. Dat was overigens wel leuk. Alleen de striemende regen erbij maakte het minder plezant. Er werd besloten de fishing trip voortijdig te beëindigen. We zullen dus blijven dromen van die big catch.
De 2 gevangen vissen werden in een zak gedaan en door mij bij een restaurant met de toepasselijke naam “Big Fish” afgeleverd met het verzoek om ze vanavond op de bbq te gooien. Geen probleem.
De vissen bleken best lekker en met wat friet en salade erbij voelden we ons een katholiek op vrijdag. Alleen jammer dat het al zaterdag was.
Ko Tao
Met de snelle catamaran-ferry werden we van Koh Samui naar Koh Tao gebracht. Een veel kleiner eiland en dat merkte je meteen: de pier was een beetje rommelig, er werd driftig gebouwd, tussen de souvenirwinkels en diving-schoolkantoortjes in. We werden weer opgewacht door een meneer met een bord waar onze naam op stond en vervolgens in een open pick-up truck naar ons resort gebracht. Daar bleek dat we twee 'kamers' hadden geboekt met elk twee tweepersoons bedden. Dus acht slaapplaatsen voor ons vieren! Dat was een beetje veel, dus meteen maar even rechtzetten. Geen probleem gelukkig. We kozen de mooiste van de twee kamers, die met een mooi zitje en een heuse lounge-plek, waar we ook al vaak gebruik van hebben gemaakt. Het strand ligt aan de andere kant van het pad dat langs onze kamer loopt en het zwembad op een meter of 15, dus dat komt wel goed. De eerste dag hebben we een beetje geacclimatiseerd. De tweede dag een beetje geluierd, gezwommen, gelezen en de tour-mogelijkheden verkend. We besloten in elk geval te gaan snorkelen. Dat werd dus dag 3 op Koh Tao: snorkeldag. Om 9.00 uur op de boot, nadat we eerst flippers en een snorkelmasker kregen uitgereikt. Vervolgens werden we naar de eerste stopplaats gevaren: Shark Bay. Dat klonk heel spannend, maar haaien hebben we uiteindelijk helemaal niet gezien. We konden even wennen aan het snorkelen op zich, want alleen de kinderen hebben thuis in zwembad De Neul wel eens zoiets gedaan. Het viel gelukkig niet tegen, hoewel er af en toe nog wel even wat mis ging en een hap zeewater niet te vermijden was. Na een half uur moesten we weer terug aan boord en werden we naar de volgende stopplaats gebracht: Aow Leuk (geweldige naam). Daar viel al heel wat meer moois te zien, vooral veel koraal en ook prachtige vissen. In de baai daarna, Hin Wong bay, was ook erg fraai – veel vissen en veel soorten koraal, maar Mango Bay, de laatste stop, was het allermooist. Goed opgebouwd dus, die snorkeltour. Als laatste werden we nog naar een eilandje gebracht, waar je geen plastic flessen, geen blikjes en geen flippers mee aan land mocht nemen (dat wilden ze je liever daar ter plaatse tegen woekerprijzen verkopen) en het kostte ook nog 100 baht (ca. 2,50 euro) p.p. om aan land te kunnen. We hadden weinig keus, dus we zijn met de snorkelbrillen toch maar even het eiland op gegaan. Het was erg heet en er was weinig schaduw. We gingen meteen maar weer het water in om te snorkelen. Opvallend was hoe veel mooie vissen er zo dicht bij de vloedlijn al te zien zijn. En hoeveel zeekomkommers!! Maar als je gewoon het water in loopt, merk je dat eigenlijk helemaal niet, dan voel je alleen het koraal of de resten daarvan. Na een half uurtje snorkelen hadden we het ook wel weer gezien daar, maar we moesten nog een uur wachten voor de boot zou vertrekken. We zochten dus maar een schaars schaduwplekje op en keken wat om ons heen. Om vier uur werden we weer afgezet bij de pier waar we vertrokken waren en terug naar het hotel gebracht. Daar bleek dat we behoorlijk verbrand waren, vooral op rug en achterbenen. Logisch, want je ligt steeds op je buik in het water, maar we hadden het niet in de gaten gehad tijdens de tocht. Het was ook prachtig weer vandaag. Terwijl we tot nu toe in Thailand veelal bewolkt weer hebben gehad, was er vandaag geen wolk aan de lucht en scheen volop de zon, wat natuurlijk voor het zicht tijdens het snorkelen ideaal is. Volgende keer toch maar een t-shirt aan bij het snorkelen en de komende dagen even oppassen met de zon – voor zover mogelijk hier.
Vandaag (vrijdag) hebben we weer een zwembad en stretcher-dag gehad. Beetje geluierd, gelezen en gezwommen. Morgen gaan we vissen!
Op het meer van Khao Sok National Park
Na een nacht in het Tree Top-boomhuis werden we naar het meer van Khao Sok National Park gebracht voor de rest van de Tree Tops Jungle Safari: twee dagen/nachten in een drijvende bungalow met op het programma een nacht-safari, een trekking die de brochure omschreven werd als 'pittig' en door de gids als 'medium', een boottocht naar een vleermuizengrot en een ochtendsafari.
Het was nogal een tocht van de Tree Tops boomhutten naar het meer – we zaten weer dik een uur in de songthuew met zijn negenen. Bij aankomst moesten we nog een uur wachten tot de longtail-boot (een traditionele platte, open boot waarvan de schroef een paar meter van de boot in het water hangt) er was om ons over het meer naar de drijvende bungalows te brengen, maar de tocht er naartoe was prachtig, tussen spectaculaire rotsformaties door.
Aangekomen bij de drijvende 'bungalows' werden we naar onze hutjes verwezen door mr. Michael, de gids, die ons vertelde dat we hem zo mochten noemen omdat hij op Michael Jackson leek. Op de vraag of hij dan even de moonwalk kon demonstreren, moest hij helaas verstek laten gaan, dat kon hij niet. Nu zou het sowieso erg lastig zijn geweest op de ondergrond van de 'lobby', die bestond uit oneffen planken en stukken bamboe – het bleef inderdaad drijven, maar daarmee was alles wel gezegd. Het meer was zowel badkamer als WC, althans voor kleine boodschappen, voor de grote moest je een stukje klimmen over een vooral bij of na regen levensgevaarlijk glibberig paadje naar een hutje op een helling met een tweetal WC's (met handmatig spoelsysteem: een bak water met een kan, waarmee je zelf de WC moest doorspoelen). Dan moest de nood dus echt hoog zijn. De hutjes lagen allemaal aan een steiger, waarvan sommige planken ook aan vervanging toe waren en hadden maar ten dele elektriciteit. Een zaklamp was dus wel handig s' avonds. Er waren matrassen of bedden in de hutjes met een klamboe er boven en er was een voordeur aan de steiger en en achterdeur aan de meerkant, met een eigen klein terrasje met twee stoelen. Een klapluik aan beide kanten van het hutje fungeerde als raam en de zijkanten waren vanaf een meter of anderhalf gewoon open. Het was een allemaal beetje primitief, maar het had ook wel zijn charme. Voor twee nachten zouden we het er wel uithouden.
De eerste dag gingen we na de lunch om 13.00 uur met mr. Michael naar de vleermuizengrot. Hij bracht ons met de longtailboot naar een grot in de buurt, waar we over een rots moesten klauteren en in het water moesten springen om naar de grot te zwemmen. Michael zelf had een zwemvest als een soort luier om zijn benen gedaan, want hij bleek niet te kunnen zwemmen!!! In de grot waren vleermuizen, maar die zien we wel vaker. Het was vooral spectaculair om in die grot in donker in het warme water te zwemmen. De waaghalzen in de groep konden er ook spectaculair van een rots de grot in duiken. De hoge duikplank in een zwembad was er niets bij. Op de terugweg in de boot begon het te regenen. Een beetje verkleumd (kan dat wel wanneer het 30 graden is?) kwamen we terug en doken we het meer in. Dat voelde als een warm bad. Heerlijk.
's-Avonds hebben we lekker gegeten (weer Thais uiteraard) en daarna zouden we de nachtsafari gaan doen. Op de afgesproken tijd zaten we allemaal klaar, maar er gebeurde niks. Na een tijdje kwam iemand ons vertellen dat we niet konden gaan die avond, omdat er geen boot was. Dat snapten we niet helemaal want er lagen er genoeg. Er was een groepje Nederlanders die een dag eerder was aangekomen en die stevig zaten te mopperen.”We liggen hier al 2 dagen op ons bed”. We deden nog wel een poging om de Thai te overreden (mister Michael was nergens te vinden), maar goed, zie dat maar eens te communiceren met een Thai die bijna geen Engels spreekt. We hadden het maar te accepteren en gingen dus maar vroeg slapen. 's Nachts werden we wakker van een fikse regenbui, maar alles bleef binnen droog dus er was geen reden voor paniek.
De volgende dag gingen we, nog voor het ontbijt, met de boot op ochtendsafari. Om de apen te zien wakker worden, heette het. We hebben weinig apen gezien. Misschien waren ze gealarmeerd door het lawaai van de longtailboot, die een behoorlijke zware motor had. De rest van de ochtend hadden we vrij en om 14.00 uur zouden we de trekking van drie uur gaan doen. We zijn dus lekker gaan zwemmen en lezen en hebben ons mentaal voorbereid op de pittige tocht die ons voor de boeg stond. Allemaal een lange broek aan en stevige schoenen, was het advies. Broek in de sokken in verband met de bloedzuigers en vergeet vooral de anti-muggenspray niet. Zo zijn we dus op pad gegaan, het zag er niet uit, maar het bleek zeker geen overbodig advies. Het 'pad' was meer een spoor en de ondergrond varieerde van rots tot modderige klei, tot half vergane bamboebladeren en boomstronken. Best wel pittig, ja. Jonas had het halverwege eigenlijk al helemaal gehad, maar met een beetje peptalk klauterde hij op zijn Teva sandalen met dikke sokken toch verder. Maar ook degenen met echte wandelschoenen hadden het zwaar te verduren en hadden nauwelijks grip. Daarbij ging het ook nog eens steil omhoog op sommige stukken en boden de takken weinig houvast omdat ze ofwel half vergaan ofwel bezaaid met doorns waren. Mr. Michael gaf af en toe wat toelichting over wat we zagen. Op een bepaald punt aangekomen zou het niveau van 'medium' naar 'heavy' stijgen, want er moest met handen en voeten geklauterd worden over scherpe rotsen. Daar haakte een deel van de groep af (waaronder wij): we vonden het te gevaarlijk. Bovendien zag het er ook nog naar uit dat het zou gaan regenen. Wel jammer, want nu zou ook het beloofde mooie uitzicht niet bereikt worden. Wij gingen dus maar vast weer terug naar beneden nu het nog droog was en ook dat was een behoorlijke toer. Uiteindelijk hoorden we van degenen die wel doorgeklommen waren dat het echt niet zonder gevaar was en dat er ook nog lelijke valpartijen aan te pas waren gekomen. Maar het uitzicht was wel bijzonder, werd gezegd (dat zou ik ook gezegd hebben).
We waren allemaal moe maar voldaan na deze inspanning en hebben terug bij het meer weer lekker gezwommen in het lauwe water. Terwijl we in het water lagen zagen we een geweldige stortbui op ons afkomen. Een prachtig gezicht. Binnen 5 minuten regende het dat het goot. Als je dan in het meer ligt te dobberen, is dat fantastisch!
Na het eten zijn we dan toch ook nog op nachtsafari gegaan en ook dat was heel bijzonder. Met de boot voeren we langs de vele eilanden, waarbij af en toe de motor werd uitgezet en de oever beschenen met een zoeklicht. In eerste instantie zagen we niet veel nachtdieren, maar op een gegeven moment hoorden we een kleine kilometer verderop getrompetter van een olifant.
De boot werd langzaam in de richting van het geluid gebracht. Na een tijdje hoorden we
een hevig gekraak in het woud. “Chang, chang” riep een van de gidsen. Hé, dat woord kenden we, dat betekent olifant! En ja hoor, even later kwamen er twee olifanten in zicht, een grote en een wat kleinere. Die waren nog op pad voor een late night snack. We konden ze goed onderscheiden en ze bleven ook gewoon in het licht van de schijnwerper staan. Geweldig om te zien, die wilde dieren zo dicht bij. We waren allemaal onder de indruk. Mr. Michael was er niet bij en vertelde later dat hij zelf nog nooit olifanten in het wild had gezien.
Dat was dus de afsluiter van deze drie bijzondere dagen in Khao Sok National Park. Na een wederom goede nacht (met maar twee hoosbuien) werden we de volgende ochtend om 9.00 uur weer naar de pier gevaren. Van daar zijn we naar Surat Thani teruggebracht en vandaar met de bus naar de pier van Don Sak gereden voor de boot naar het eiland Koh Samui. Dat ging allemaal heel soepel. Op Koh Samui zijn we een nacht gebleven ('s middags lekker gezwommen en de was laten doen. Beperkte indruk van het eiland: geen plek om lang te vertoeven; om de 5 minuten komt er een geluidswagen langs die een bokswedstrijd of een disco aanprijst en verder kun je er 'onbeperkt eten voor 109 baht', aangekondigd in 5 talen, waaronder het Nederlands) en daarna doorgereisd met de catamaran ferry naar Koh Tao, onze bestemming voor de komende 5 dagen.